Paragraaf 9 Het is hun eigen schuld als geroepenen niet de roepstem van het evangelie gehoorzamen

Dat velen die door de bediening van het Evangelie geroepen zijn,
niet komen en niet bekeerd worden, a
is niet te wijten aan het Evangelie
of aan Christus, Die hun door het Evangelie aangeboden is.
Het ligt ook niet aan God, Die mensen door het Evangelie roept
en aan hen die Hij roept zelfs verschillende gaven geeft. b
Nee, het is de schuld van degenen die geroepen worden zelf.

Sommigen van hen nemen het Woord van het leven niet aan,
omdat zij zorgeloos leven.
Anderen nemen het wel aan, maar niet in het diepst van hun hart.
Daarom keren zij zich
– na een kortstondige blijdschap van een tijdelijk geloof –
weer af, bij God vandaan.
Anderen verstikken het zaad van het Woord
door de dorens van de zorgen en de lusten van de wereld
en brengen geen vruchten (van geloof en bekering) voort.
Dit leert onze Zaligmaker in de gelijkenis van het zaad. c

Met toestemming overgenomen uit: De Dordtse Leerregels, een hertaling; dr. W. Verboom, 2018, KokBoekencentrum Uitgevers.

Tijd(elijk) geloof: over het tijdgeloof is op de Dordtse Synode vaak gesproken. De afgevaardigden uit Emden verwoordden het verschil tussen tijdgeloof en echt geloof als volgt (Acta Emden, 597):
Het echte geloof is als een hand die Christus en zijn gaven aanneemt, de belofte van genade aanneemt (ontvangt), zeker is van wat God belooft en daarin (in de beloften) rust vindt. Het tijdgeloof heeft dit niet: dat is tevreden met aardse en tijdelijke gaven (zoals voorspoed, eer en rijkdom) en blijft onzeker over de geestelijke zegeningen.

Bewijsteksten

a

En Jezus antwoordde en sprak opnieuw tot hen door gelijkenissen, en zei: Het Koninkrijk der hemelen is gelijk aan een zeker koning die voor zijn zoon een bruiloft bereid had, en hij stuurde zijn dienaren eropuit om de genodigden voor de bruiloft te roepen. Maar zij wilden niet komen. Opnieuw stuurde hij dienaren eropuit, andere, en hij zei: Zeg tegen de genodigden: Zie, ik heb mijn middagmaal gereedgemaakt; mijn ossen en de gemeste dieren zijn geslacht, en alle dingen zijn gereed. Kom naar de bruiloft. Mattheüs 22:1-4

Toen begon Hij de steden waarin de meeste krachten door Hem verricht waren, te verwijten dat zij zich niet bekeerd hadden: Wee u, Chorazin, wee u, Bethsaïda! Want als in Tyrus en Sidon de krachten gebeurd waren die in u plaatsgevonden hebben, dan zouden zij zich allang in zak en as bekeerd hebben. Maar Ik zeg u: Het zal voor Tyrus en Sidon verdraaglijker zijn op de dag van het oordeel dan voor u. En u, Kapernaüm, die tot de hemel toe verhoogd bent, u zult tot de hel toe neergestoten worden. Want als in Sodom de krachten waren gebeurd die in u hebben plaatsgevonden, dan zou het tot op de huidige dag gebleven zijn. Maar Ik zeg u dat het voor het land van Sodom verdraaglijker zal zijn op de dag van het oordeel dan voor u. Mattheüs 11:20-24

b

Jeruzalem, Jeruzalem, u die de profeten doodt en stenigt wie naar u toe gezonden zijn! Hoe vaak heb Ik uw kinderen bijeen willen brengen, op de wijze waarop een hen haar kuikens bijeenbrengt onder haar vleugels; maar u hebt niet gewild! Mattheüs 23:37

c

Luistert ú dan naar de gelijkenis van de zaaier. Als iemand het Woord van het Koninkrijk hoort en het niet begrijpt, dan komt de boze en rukt weg wat in zijn hart gezaaid was; dat is hij bij wie langs de weg gezaaid is. Maar bij wie op de steenachtige grond gezaaid is, dat is hij die het Woord hoort en dat meteen met vreugde ontvangt. Hij heeft echter geen wortel in zichzelf, maar hij is iemand van het ogenblik; en als er verdrukking of vervolging komt omwille van het Woord, struikelt hij meteen. En bij wie in de dorens gezaaid is, dat is hij die het Woord hoort; maar de zorgen van deze wereld en de verleiding van de rijkdom verstikken het Woord, en het wordt onvruchtbaar. Bij wie in de goede aarde gezaaid is, dat is hij die het Woord hoort en begrijpt, die ook vrucht draagt en voortbrengt, de één honderd-, de ander zestig-, en de ander dertigvoudig. Mattheüs 13:18-23

hedendaags
HSV
onder tekst
17
leermodusleren