Paragraaf 10 Geroepenen die tot bekering komen, moeten daarvan God de eer geven

Dat andere mensen die door de bediening van het Evangelie geroepen zijn,
wel komen en bekeerd worden,
moet men niet aan henzelf toeschrijven. a
Alsof zij zich door hun vrije wil zouden onderscheiden van anderen,
aan wie een even grote genade geschonken is,
voldoende om te geloven en bekeerd te worden.
Dit is de hoogmoedige ketterij van Pelagius.

Men moet dit alleen aan God toeschrijven.
Zoals Hij de Zijnen van eeuwigheid in Christus heeft uitverkoren,
zo roept Hij hen ook in de tijd krachtdadig
en schenkt hun geloof en bekering.
En als Hij hen verlost heeft uit de macht van de duisternis,
brengt Hij hen over in het rijk van Zijn Zoon,
opdat zij zouden verkondigen de deugden van Hem,
Die hen riep uit de duisternis tot Zijn wonderbaar licht, b
en opdat ze niet in zichzelf, maar in de Heere zouden roemen.
Hiervan leggen de geschriften van de apostelen doorlopend getuigenis af. c

Met toestemming overgenomen uit: De Dordtse Leerregels, een hertaling; dr. W. Verboom, 2018, KokBoekencentrum Uitgevers.

Bewijsteksten

a

Zo hangt het dan niet af van hem die wil, ook niet van hem die hardloopt, maar van God Die Zich ontfermt. Romeinen 9:16

b

Hij heeft ons getrokken uit de macht van de duisternis en overgezet in het Koninkrijk van de Zoon van Zijn liefde. Kolossenzen 1:13

Die Zichzelf gegeven heeft voor onze zonden, opdat Hij ons zou ontrukken aan de tegenwoordige slechte wereld, overeenkomstig de wil van onze God en Vader. Galaten 1:4

Maar u bent een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilig volk, een volk dat God Zich tot Zijn eigendom maakte; opdat u de deugden zou verkondigen van Hem Die u uit de duisternis geroepen heeft tot Zijn wonderbaar licht. 1 Petrus 2:9

c

Opdat het zal zijn zoals geschreven staat: Wie roemt, laat hij roemen in de Heere. 1 Korinthe 1:31

Maar wie roemt, laat hij roemen in de Heere. 2 Korinthe 10:17

Want uit genade bent u zalig geworden, door het geloof, en dat niet uit u, het is de gave van God; niet uit werken, opdat niemand zou roemen. Efeze 2:8-9

Want wij zijn de besnijdenis, wij die God in de Geest dienen en in Christus Jezus roemen en niet op het vlees vertrouwen. Filippenzen 3:3

hedendaags
HSV
onder tekst
17
leermodusleren