Paragraaf 5 De wet van God wijst de zonden aan, maar geeft geen oplossing

Wat geldt voor het licht van de natuur,
geldt in dit opzicht ook voor de Wet van de Tien Geboden,
die God door Mozes in het bijzonder aan Israël heeft gegeven.
Want de Wet ontdekt de mens wel aan de grootheid van zijn zonde,
en overtuigt hem meer en meer van zijn schuld, a
maar biedt hem hiervoor geen geneesmiddel.
Zij biedt geen krachten om uit deze ellende te kunnen komen.
Omdat zij door het vlees krachteloos is geworden,
laat zij de overtreder onder de vloek blijven.
Daarom kan de mens ook door de Wet de zaligmakende genade niet verkrijgen. b

Met toestemming overgenomen uit: De Dordtse Leerregels, een hertaling; dr. W. Verboom, 2018, KokBoekencentrum Uitgevers.

Het doel van de wet voor ongelovigen is om hen tot kennis van de zonde te brengen (Rom 3:20 en HC vr. 3). De wet ontdekt de mens aan de grootheid van zijn zonde en overtuigt hem meer en meer van zijn schuld. Maar de wet wijst geen geneesmiddel of oplossing aan. Daarom kan de mens door de wet de genade niet verkrijgen. Ellendekennis is alleen nodig om ons te laten verlangen naar verlossing, maar het is geen voorwaarde of doel in zichzelf. Het einddoel van de wet is Christus (Rom. 10:4). De kanttekeningen in de Statenvertaling zeggen over deze tekst: Het oogmerk waarom de wet door Mozes is gegeven, is opdat de mensen (..) tot Christus en Zijn rechtvaardigheid hun toevlucht zouden nemen.
Overigens leren de Dordtse Leerregels nergens dat ellendekennis een voorwaarde is of dat het een ongelovige geschikter maakt voor de verlossing. Het begrip ellendekennis wordt zelfs niet eens genoemd.

Bewijsteksten

a

En het gebod, dat tot leven had moeten leiden, bleek voor mij de dood te betekenen. Romeinen 7:10

Is dan het goede de oorzaak van mijn dood geworden? Volstrekt niet! Maar de zonde heeft – opdat zij als zonde zichtbaar zou worden – door het goede voor mij de dood teweeggebracht, opdat door het gebod de zonde uitermate zondig zou blijken te zijn. Romeinen 7:13

b

Want wat voor de wet onmogelijk was, krachteloos als zij was door het vlees, dat heeft God gedaan: Hij heeft Zijn eigen Zoon gezonden in een gedaante gelijk aan het zondige vlees en dat omwille van de zonde, en de zonde veroordeeld in het vlees. Romeinen 8:3

Wij weten nu dat alles wat de wet zegt, zij dat spreekt tot hen die onder de wet zijn, opdat elke mond gestopt wordt en de hele wereld doemwaardig wordt voor God. Daarom zal uit werken van de wet geen vlees voor Hem gerechtvaardigd worden. Door de wet is immers kennis van zonde. Romeinen 3:19-20

Hij heeft ons namelijk bekwaam gemaakt om dienaars van het nieuwe verbond te zijn, niet van de letter, maar van de Geest; want de letter doodt, maar de Geest maakt levend. Als nu de bediening van de dood, met letters in stenen gegrift, in heerlijkheid was, zodat de Israëlieten hun ogen niet op het gezicht van Mozes gericht konden houden vanwege de heerlijkheid van zijn gezicht, hoewel die tenietgedaan zou worden. 2 Korinthe 3:6-7

hedendaags
HSV
onder tekst
17
leermodusleren