Verwerping 2Verwerping van de dwaling: Geestelijke gaven waren niet aanwezig in de menselijke wil

"Toen de mens geschapen werd, was zijn wil goed noch slecht. Het feit dat de mens rechtvaardig was en aan God toegewijd, stond daar los van. Toen de mens ongehoorzaam werd, verloor hij wel die goede eigenschappen, maar zijn wil veranderde niet."

Dit is in strijd met de beschrijving van de mens als beeld van God. In Ef. 4:24 zegt Paulus dat dit beeld inhoudt dat de mens rechtvaardig is en aan God toegewijd. Dit geldt voor de hele mens, dus ook voor zijn wil.

Met toestemming overgenomen uit: De Dordtse Leerregels, vertaald in gewoon Nederlands; vertaald door Freerk Jan Berghuis, Jaap Jonker, George Nieboer, Rein Tromp, Pieter G.B. de Vries, Zwanetta de Vries-Por, Otto B. Wiersma en Simone Wiersma-Wieringa, 1983, Groningen: Uitgeverij De Vuurbaak

Bewijsteksten

a

En u bekleedt met de nieuwe mens, die overeenkomstig het beeld van God geschapen is, in ware rechtvaardigheid en heiligheid. Efeze 4:24

hedendaags
HSV
onder tekst
16
leermodusleren