Paragraaf 3God is getrouw en houdt de gelovigen staande tot het einde

Zij die tot geloof gekomen zijn, zijn zelf niet in staat te blijven geloven. Het kwaad, voor zover dat hen nog in zijn greep heeft, en de verleidingen die van de ongelovigen en de duivel uitgaan, zijn daar de oorzaak van. Maar God is trouw! Hij heeft hun het geloof gegeven en geeft hun ook de kracht om tot het einde toe te blijven geloven.

Met toestemming overgenomen uit: De Dordtse Leerregels, vertaald in gewoon Nederlands; vertaald door Freerk Jan Berghuis, Jaap Jonker, George Nieboer, Rein Tromp, Pieter G.B. de Vries, Zwanetta de Vries-Por, Otto B. Wiersma en Simone Wiersma-Wieringa, 1983, Groningen: Uitgeverij De Vuurbaak

Bewijsteksten

a

Als ik nu dat doe wat ik niet wil, breng ík dat niet meer teweeg, maar de zonde die in mij woont. Romeinen 7:20

Waak en bid, opdat u niet in verzoeking komt; de geest is wel gewillig, maar het vlees is zwak. MattheĆ¼s 26:41

b

Meer dan een menselijke verzoeking is u niet overkomen. En God is getrouw: Hij zal niet toelaten dat u verzocht wordt boven wat u aankunt, maar Hij zal met de verzoeking ook de uitkomst geven om die te kunnen doorstaan. 1 Korinthe 10:13

U wordt immers door de kracht van God bewaakt door het geloof tot de zaligheid, die gereedligt om geopenbaard te worden in de laatste tijd. 1 Petrus 1:5

hedendaags
HSV
onder tekst
16
leermodusleren