Paragraaf 5Het vallen in grove zonden heeft grote gevolgen

Hiermee maken de gelovigen God zeer toornig, verdienen ze de eeuwige dood en maken de Heilige Geest bedroefd. Ze maken dan geen ernst met hun geloof, doen hun geweten geweld aan en merken dan niets meer van wat God doet in hun leven. Maar wanneer ze oprecht berouw hebben en zich weer bekeren, merken ze dat Hij nog steeds hun Vader is.

Met toestemming overgenomen uit: De Dordtse Leerregels, vertaald in gewoon Nederlands; vertaald door Freerk Jan Berghuis, Jaap Jonker, George Nieboer, Rein Tromp, Pieter G.B. de Vries, Zwanetta de Vries-Por, Otto B. Wiersma en Simone Wiersma-Wieringa, 1983, Groningen: Uitgeverij De Vuurbaak

Bewijsteksten

a

Hij zei: Toen het kind nog leefde, heb ik gevast en gehuild, want ik zei: Wie weet, is de HEERE mij genadig, zodat het kind in leven blijft. Maar nu is het dood; waarom zou ik nu vasten? Zal ik hem nog terug kunnen halen? Ik zal wel naar hem toe gaan, maar hij zal niet bij mij terugkomen. 2 Samuël 12:22-23

En bedroef de Heilige Geest van God niet, door Wie u verzegeld bent tot de dag van de verlossing. Efeze 4:30

Toen ik zweeg, teerden mijn beenderen weg, onder mijn jammerklachten, de hele dag. Want dag en nacht drukte Uw hand zwaar op mij, mijn levensvocht veranderde in een zomerse droogte. Mijn zonde maakte ik U bekend, mijn ongerechtigheid bedekte ik niet. Ik zei: Ik zal mijn overtredingen belijden voor de HEERE. En Ú vergaf mijn ongerechtigheid, mijn zonde. Psalmen 32:3-5

b

De HEERE doe Zijn aangezicht over u lichten en zij u genadig! Numeri 6:25

hedendaags
HSV
onder tekst
16
leermodusleren